
Het onderwerp sport was toch te leuk om níet over te schrijven.
Zoals jullie wellicht al eerder hebben gelezen, sport ikzelf ook wel eens. Van sporten word ik zelfs blij! Al zijn er wel trainingen waar ik wel tegenop zie, maar na afloop overheerst toch dat fijne gevoel. En dat fijne gevoel komt van die geluksstofjes die je aanmaakt met sporten en bewegen: endorfine, dopamine en serotonine. Endorfine verlicht de pijn, dopamine motiveert om door te zetten en serotonine verhoogt je geluksgevoel. Het zijn allemaal hormonen die je lichaam in principe zelf aanmaakt, maar die je kunt verhogen door sporten. En sporten in de buitenlucht helpt je ook nog om vitamine D aan te maken en een groene omgeving verlaagt het stresshormoon cortisol, wat ook nog weer goed is voor je mentale gezondheid. Er schuilt ook wel een gevaar in het aanmaken van deze gelukstofjes: als je afhankelijk wordt van dit geluksgevoel, bijvoorbeeld als je (verslavings)gevoelig bent, kan sporten ook een verslaving worden. Je wil steeds meer van dit geluksgevoel. En dan zijn al die gezonde voordelen van sporten en bewegen wel mooi, maar een (sport)verslaving doet dat teniet.
Sporten heeft naast bovengenoemde voordelen ook wel eens nadelen. Zo kan het ook rivaliteit oproepen. Volgens mij is er wekelijks wel een voorbeeld van ruziënde supporters bij een voetbalwedstrijd. Soms zelfs al bij jeugdwedstrijden, terwijl dat toch juist moet zorgen voor plezier in sporten: samen met elkaar een mooie wedstrijd spelen.
Op aanraden van een collega ben ik een aantal jaren geleden begonnen met hardlopen. En dat vond ik leuk, bijna onverwacht. Ik dacht eigenlijk dat het saai zou zijn en dat ik het niet zou kunnen. Het tegendeel: hoewel ik een langzame loper ben, geniet ik eigenlijk altijd van mijn rondjes. Ook als het een keer slecht weer is. Een intervaltraining voelt wel als een ‘moetje’ maar ook die doe ik en die voelen steeds beter. Hardlopen heeft mij wel een aantal keren een blessure opgeleverd en regelmatige bezoekjes aan de fysiotherapeut. Dat eerste was onder andere reden om te gaan fietsen. Ook daarvan dacht ik dat het saai zou zijn, maar ook hierin is – voor mij – het tegendeel al lang bewezen. Een heerlijk rondje in m’n eentje om mijn hoofd leeg te fietsen. Of een gezellig koffierondje met mijn fietsmaatjes. Buiten fietsen doe ik eigenlijk alleen als het mooi weer is. Bij regen moet die racefiets toch wel gepoetst worden en dat is iets waar ik niet zo’n fan van ben.
Hoewel hardlopen en fietsen eigenlijk beide individuele sporten zijn, heeft het sporten mij ook veel leuke sociale contacten opgeleverd. En ik heb zelfs een aantal hele lieve mensen leren kennen die ik ondertussen mijn vrienden mag noemen. Lopen bij een vereniging of eens meedoen met een (plaatselijke) hardloopwedstrijd levert altijd leuke gesprekken op met medelopers. Want je hebt een gedeelde passie of gedeeld doel. Maar ook als ik alleen loop krijg ik vaak een duimpje of aanmoediging van een andere sporter of toevallige voorbijganger. En in de sportschool is het net zo hoor: of je nu zware gewichten tilt of hele lichte, iedereen mag er zijn en die ervaren sporters willen de beginnende sporters altijd wel helpen. Op de racefiets zijn andere weggebruikers wel eens wat minder enthousiast, maar als je je fietsbel gebruikt als je er (snel) langs wil en even dankjewel zegt als je voorbij bent, dan helpt dat al een hoop. En dat rondje samen met mijn fietsmaatjes: tussendoor een kopje koffie op het terras in het zonnetje: je zou niet anders meer willen!
Eigenlijk is dit stukje dus een waarschuwing: door sporten krijg je dat geluksstofje, het is goed voor je gezondheid én je kan ook nog leuke mensen tegenkomen. Die je gewoon aanmoedigen. Of je nu snel loopt, langzaam fietst, licht of zwaar traint. En wees eerlijk: verbinding met mensen is toch wat het meest belangrijk is.
———
De tekening is van Marcia Meerum Terwogt.
Meer informatie: marciamt72@gmail.com
