Ik doe mijn 10.000 stappen per dag Ik doe alle boodschappen altijd te voet Nooit doe ik me aan vette happen te goed ik at wat ik wou, maar tegenwoordig wat mag
Zoutarm vanwege de druk van mijn bloed Koffie drink ik, maar af en toe hag Bij conflicten hijs ik de witte vlag Uit overtuiging, of gebrek aan moed
Jachtig ben ik niet en winstbejag Is niet wat mijn bloed stromen doet Ik hoed mijzelf voor overmoed En ga waar nodig overstag
Ik doe veel waar ik moe van word Maar wat mij beweegt, vind ik geen sport
Het schrijven van gedichten, rijmpjes en verzen zit me in het bloed. Mijn vader deed het. Sinterklaas was mijn belangrijkste held. Later kwamen daar Trijntje Fop, John O’Mill en Daan Zonderland bij. Teksten van liedjes en cabaret bleven als vanzelf in mijn hersenpan steken. Pas als student begon ik zelf te schrijven. Later toen ik student-assistent was, schreef ik verzen voor een blad van de vakgroep onderwijskunde, waarvan ik deel uitmaakte. Iemand raadde me aan eens wat op te sturen aan het tijdschrift ‘De Tweede Ronde’. Vijf rijmpjes werden geplaatst. Af en toe zijn er sindsdien verzen van mij geplaatst in bundels of tijdschriften. Inmiddels voel ik me een dichter. Ik schrijf teksten, gedichten en ook nog altijd rijmpjes. De Leunstoel biedt mij een prachtige kans om gedisciplineerd te werken en tenminste 20 tot 30 sonnetten of andere producten per jaar te maken. Af en toe kijk ik in het archief van De Leunstoel en ben dan met een deel van wat ik daaraan heb bijgedragen voorzichtig tevreden.