
De Plytenberg is een kunstmatige heuvel van ongeveer twaalf meter hoog met een grondvlak van 62 bij 56 meter. Hij ligt buiten het centrum op een zandrug waarop de eerste kerk van de Oost-Friese stad Leer gebouwd is, een kerk waar nu alleen nog de grafkelders van over zijn.
De oorsprong van de heuvel was altijd in nevelen gehuld. Wel zijn er door de eeuwen heen talrijke verhalen bedacht over het ontstaan ervan. Zo zou het gaan om het graf van een Noormannenleider, maar dan zou het wel de hoogste grafheuvel zijn die de Noormannen in het Friese kustgebied hebben achtergelaten. Bovendien hebben de Noormannen zich op deze plaats nooit echt gevestigd.. Ook was het geen rijke handelsplaats die ze geplunderd hebben zoals bij voorbeeld Dorestad. Daarmee is dat verhaal afgeserveerd.
Er zijn ook een aantal verhalen die uit de wereld van de volksverhalen en sprookjes stammen. Zo zouden er reuzen langs de Eems hebben gelopen met aarde in de zakken van hun werkkleding. Met die aarde zouden ze de dijken van de Eems hebben aangelegd. De Plytenberg zou dan ontstaan zijn omdat zo’n schortzak was uitgescheurd zodat er een heuvel ontstond. Later ontwikkelde zich hieruit het verhaal van de ‘Erdmantjes’ uit de sprookjes van Albrecht Jansen. Ja, ook in Duitsland zijn er meer sprookjes dan de gebroeders Grimm verzameld hebben.
Boek

In 1995 verscheen bij Schuster Verlag in Leer een boek over de Plytenberg van Rolf Bärenfanger en Norbert Fiks. De Duitse archeoloog en historicus Rolf Bärenfanger was na werkzaamheden als archeoloog later ook directeur van het Ostfriesische Landschaft, de instelling die als ‘Landschaftsverband’ werkt voor de drie Oost-Friese ‘provincies’ Aurich, Leer en Wittmund. Bärenfanger verzorgde de wetenschappelijke inbreng in het boek en Fiks schreef de verhalen over de legendes rond de heuvel
In het boek wordt afgerekend met alle sprookjesachtige verhalen rond de Plytenberg. Bärenfanger toont aan dat de heuvel in de 15e eeuw is opgeworpen met het doel om als uitzichtspunt te dienen voor de Vesting Leerort die toen werd aangelegd door de Hamburger Hanze. Deze plek waar de rivier de Leda in de Eems stroomt beschouwden de Hamburgers als de oostelijkste punt van hun invloedssfeer. De vesting is slechts kort in Hamburgse handen gebleven want hij werd overgedragen aan Ulrich Cirksena die in 1464 de eerste graaf van Oost-Friesland werd.
Vanaf de top van de Plytenberg was er een goed uitzicht op de Eems ten Noorden van Bingum zodat schepen die vanuit zee de vesting of de stad Leer naderden niet voor een verrassing konden zorgen.
Opmerkelijk: van 1611, toen de graven van Cirksena ruzie kregen met de Oost-Friese staten tot 1744, toen Oost-Friesland Pruisisch werd, was er een Nederlands garnizoen ingekwartierd in de vesting.
De naam
In het boek staan ook twee hoofdstukken over de naam Plytenberg, die meestal als ‘Plitenberg’ geschreven werd. Er blijken meerder Plytenbergen geweest te zijn. De naam komt vooral in het noorden van Nedersaksen, waar Oost-Friesland deel van uitmaakt, al twaalf keer voor. Er worden, vaak kleinere, ophogingen in het landschap mee aangeduid. Een gezamenlijke achtergrond of betekenis heeft Bärenfanger echter niet kunnen vinden.
Zo blijft er iets mysterieus aan de berg hangen.
———-
De auteur heeft de illustraties verzorgd.
