Was er nog wat op tv?

Vuelta 2017

De drie grote wielerrondes zijn weer afgehandeld. De laatste, de Ronde van Spanje, eindigde 10 september jl. met de bekende rondjes door Madrid. Na het genot van de Ronde van Italië, vielen de Ronde van Frankrijk en de Vuelta vreselijk tegen. De Ronde van Italië werd natuurlijk gewonnen door onze Tom Dumoulin, maar dat was niet het enige waardoor deze Ronde aantrekkelijk was. De afwezigheid van Chris Froome en een SKY-team op halve kracht droegen daar ook aan bij. Helaas reed Froome niet alleen de Ronde van Frankrijk, maar ook de Vuelta en beiden met een Sky-team op volle sterkte. Dan valt er niets meer te beleven en zijn het saaie weken.

Het is net zo naar als in de tijd van de dominantie van Lance Armstrong, die ook nog een niet-aanvalspact sloot met de andere ploegen. Ik kreeg nu trouwens de indruk dat de leiding van het SKY-team dat ook doet, want de keren dat Froome in de problemen dreigde te komen – lekke band, valpartijtje, onhandige manoeuvre – werd er door de concurrenten op hem gewacht. Dan vraag je je toch af … .

De enige die weerstand bood en kleur gaf aan de wedstrijd, was Alberto Contador, die bezig was afscheid te nemen van zijn fans, want hij verlaat het strijdperk. In het begin van de Vuelta had hij nogal wat tijd verloren, maar in de tweede helft probeerde hij keer op keer wat goed te maken door uit het peloton te ontsnappen. Veel heeft hem dat niet opgeleverd, maar het leverde wel ‘koers’, zoals de Belgische commentatoren zeggen.

De Vuelta is eigenlijk leuker dan de Tour, omdat er in Spanje geen vlak land is, behalve het strand. En in deze versie was er driemaal een aankomst uitgelegd nadat er een ‘muur’ beklommen moest worden, een helling met stijgingspercentages van meer dan 20%. Er waren ooit twee Spanjaarden die op ‘muren’ excelleerden: Rodrigues en Valverde. De eerste is inmiddels gestopt en de tweede deed niet mee. Ook de laatste etappe vóór het rondjes rijden in Madrid eindigde op zo’n ‘muur’, de Angliru, met stijgingspercentages van 28%! Het beklimmen daarvan is fantastisch om te zien. De renners moeten in beweging blijven, want anders vallen ze om en als je stil staat kun je niet meer op gang komen. Maar op de trappers staan kan niet, want dan slipt het achterwiel weg. Als je echter achter op je zadel gaat zitten komt je voorwiel omhoog. Het kan allemaal wel en dat liet Contador zien, die deze etappe won. Een waardig afscheid voor deze sympathieke cyclist.

De onoverwinnelijke Froome kun je niet op sympathie betrappen. Dat bleek in Madrid, toen hij meesprintte voor de etappeoverwinning om zo ook de Groene Trui te kunnen winnen. Infantieler gedrag is nauwelijks denkbaar.

Onze Wilco Kelderman werd op de Angliru van de derde plaats gereden. De Ronde was voor hem een dag te lang. De Belgen, die wel een paar etappes hadden gewonnen, zijn stinkjaloers op ons, want wij hadden in het Algemeen Klassement drie landgenoten bij de eerste tien: Wilco Kelderman op de vierde plaats, Wout Poels, de meesterknecht van Froome die beter klimt dan zijn baas, op de zevende plaats en Steven Kruyswijk, die een ongelukkige start had, op de negende plaats.

De internationale wielerunie moet iets doen aan de dominantie van één ploeg die alles en iedereen weg kan kopen, bijvoorbeeld een capsysteem instellen, zoals bij het Amerikaanse basketbal. Daar krijgen alle ploegen, rijk en arm, evenveel geld om nieuwe spelers te kopen en wordt door loting bepaald wie als eerste nieuwelingen mag kiezen. Zolang dat niet zo is zouden de andere teams wel eens wat meer samen mogen werken om team SKY te dwarsbomen: een aanvalspact. Gebeurt er niets, dan gaat het wielrennen aan saaiheid ten onder en wil niemand het meer op TV uitzenden.

—–
Het plaatje is van Katharina Kouwenhoven

Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Katharina Kouwenhoven

Wanneer onbekenden elkaar voor het eerst ontmoeten, vormen zij zich een indruk van elkaar, op basis waarvan zij besluiten of nadere kennismaking een interessante optie is. Voor het vormen van die eerste indruk hebben zij niet veel informatie tot hun beschikking: een paar uiterlijke kenmerken en wat minieme gedragsobservaties. Deze informatie kan worden aangevuld door elkaar wat korte vragen te stellen. De vragen die mensen elkaar stellen bij een eerste ontmoeting hebben praktisch altijd betrekking op biografische gegevens: hoe oud ben je, waar ben je geboren, wat doe je, waar heb je op school gezeten, waar woon je. Het merkwaardige is, dat al deze informatie - uiterlijk, houding, presentatie, biografische gegevens - helemaal niets zegt over met wat voor soort mens we te maken hebben, een psychopathische seriemoordenaar of een zachtaardige steunpilaar van de maatschappij. Toch willen we dat laatste graag weten. Als ik iets over mezelf wil zeggen, kan ik proberen nooit gestelde, maar wel prangende vragen te beantwoorden of me te beperken tot de informatie die normaal verschaft wordt bij een eerste ontmoeting. Ik denk dat ik me beperk tot het laatste, want dat is veelzeggend genoeg.Ik ben woonachtig te Amsterdam, alleenstaand, werkzaam, goed opgeleid en dol op bubbeltjeswijn.(Ik maak inmiddels ook tekeningetjes voor De Leunstoel.)