Een omweg waard

Toen ook al veel wildplassers

Het Amsterdams stadsarchief is gevestigd in een heel groot gebouw aan de Vijzelstraat, De Bazel, zo genoemd naar zijn architect, Karel de Bazel. Het werd tussen 1919 en 1926 gebouwd in opdracht van de Nederlandse Handel Maatschappij, opgericht in 1824 door Koning Willem I, als een soort nieuwe VOC. Een koning wil ook wel eens wat, bijvoorbeeld kruidnagels importeren.

De Bazel is een redelijk mooi gebouw, maar te groot voor de plek waar het staat. Om het interieur te bewonderen kun je een rondleiding krijgen. Die heb ik een keer gehad en dat was nogal een teleurstelling. Veel van het oorspronkelijke interieur is er door de NHM uit gesloopt en meegenomen naar een nieuw gebouw. Erg indrukwekkend is en was het interieur niet. De zich steeds herhalende rasterpatronen hebben we te danken aan de theosofische, jawel, instelling van de architect. De architect was kennelijk niet zo’n goede binnenhuisarchitect, want de binnenkant haalt het niet bij bijvoorbeeld die van het Scheepvaarthuis, tegenwoordig hotel, van Van der Mey.

Afgezien van het archief bevindt zich in De Bazel ook een café, een boekwinkel met voornamelijk boeken over Amsterdam en een tentoonstellingsruimte, waarin vaak aardige tentoonstellingen worden georganiseerd. Op dit moment is er een tentoonstelling van pentekeningen van stadsgezichten uit de 18e eeuw. Daarop zijn een aantal opmerkelijke dingen te zien, zoals paarden die sleden trekken; die zouden beter berekend zijn op steile bruggen dan karren met wielen.

Er was toen een Waag op de Dam, de voorloper van de Beurs van Berlage, en er was ook veel water en verbazend veel poorten. Veel van dat water is inmiddels enorm gedempt, maar dat moet binnenkort allemaal weer open om wateroverlast in de stad te voorkomen. Net zoals in alle tuinen verplicht de grindtegels verwijderd dienen te worden.
Wat ook opvalt is het grote aantal wildpassers, echt waar. Wel allemaal mannen trouwens. Verder: hondjes, aapjes en veel kinderen en drukte.

Er wordt een doorlopende diavoorstelling gepresenteerd van (delen van) de prenten, met daar overheen geprojecteerd hoe de situatie nu is. Dat geeft een aardig inkijkje in de ontwikkeling van de stad. De enige plek die praktisch onveranderd heeft standgehouden is de Amstelkerk en omgeving, op het Amstelveld. Omdat dit in feite een noodkerk was is hij vaak met afbreken bedreigd. Maar gelukkig staat hij er nog.

Ik kreeg een erg nostalgische gevoel op deze tentoonstelling. Al dat moois dat is verdwenen. Heeft het enige zin gehad om dat allemaal af te breken en te vervangen? Veel mooie moderne architectuur is er in Amsterdam niet. Ik wil die stadswal en die stadspoorten wel terug en al die andere poortjes en al dat water en al die bruggetjes. Laten we er een echt Venetië van maken, met alle vervoer over het water en alles binnen de Ring autovrij (en scootervrij en Cantavrij en bakfietsvrij en e-bikevrij!). Wat een ruimte zou dat scheppen en wat zou je dan fijn door de stad kunnen lopen en wat zou je veel kunnen zien. Misschien iets voor onze nieuwe burgemeester, als hij maar niet van D66 is, want die partij wil geen sociale huurwoningen meer bouwen. Terwijl je daarvoor nu al acht jaar (!) op een wachtlijst moet.

Op de tentoonstelling krijg je in ieder geval een aardige indruk van hoe Amsterdam eruit zag in de 18e eeuw en hoe het er nu uit zou kunnen zien.

Er is werk aan de winkel.

——-
Het plaatje is ook van Katharina

Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Katharina Kouwenhoven

Wanneer onbekenden elkaar voor het eerst ontmoeten, vormen zij zich een indruk van elkaar, op basis waarvan zij besluiten of nadere kennismaking een interessante optie is. Voor het vormen van die eerste indruk hebben zij niet veel informatie tot hun beschikking: een paar uiterlijke kenmerken en wat minieme gedragsobservaties. Deze informatie kan worden aangevuld door elkaar wat korte vragen te stellen. De vragen die mensen elkaar stellen bij een eerste ontmoeting hebben praktisch altijd betrekking op biografische gegevens: hoe oud ben je, waar ben je geboren, wat doe je, waar heb je op school gezeten, waar woon je. Het merkwaardige is, dat al deze informatie - uiterlijk, houding, presentatie, biografische gegevens - helemaal niets zegt over met wat voor soort mens we te maken hebben, een psychopathische seriemoordenaar of een zachtaardige steunpilaar van de maatschappij. Toch willen we dat laatste graag weten. Als ik iets over mezelf wil zeggen, kan ik proberen nooit gestelde, maar wel prangende vragen te beantwoorden of me te beperken tot de informatie die normaal verschaft wordt bij een eerste ontmoeting. Ik denk dat ik me beperk tot het laatste, want dat is veelzeggend genoeg.Ik ben woonachtig te Amsterdam, alleenstaand, werkzaam, goed opgeleid en dol op bubbeltjeswijn.(Ik maak inmiddels ook tekeningetjes voor De Leunstoel.)