Een schuinsmarcheerder liep langs een kanaal
Maar omdat deze man zo schuin marcheerde
Was de richting die hij koos steeds de verkeerde
Toch werd hem dat gelukkig niet fataal
Het verwachte ongeluk vond daar niet plaats
Het water was de nacht ervoor bevroren
Dus ruilde hij zijn schoenen voor zijn noren
En vanaf dat moment reed hij een scheve schaats
Niet gehinderd door enig moreel kompas
Vorderde hij verder op een hellend vlak
Totdat hij zover afgleed dat hij aankwam bij een wak
Hij verloor zijn evenwicht en voelde toen het waterpas
Zich vastklampend aan scheve schotsen die daar dreven
Wist de man tenslotte bij een boot te komen
En door in die boot vervolgens dwars te bomen
Is alles toch weer recht gekomen in zijn zondig leven
In een rechte lijn is hij naar huis gesneld
Diagonaal de weg overgestoken
En thuisgekomen onverwijld in zijn bed gedoken
Nog urenlang door beven en bibberen gekweld
Na al zijn avonturen schreef hij zijn lief een brief
Over recht door zee gaan, over het rechte pad
Over schaamte, spijt en wroeging die hij had
Om de ernst te onderstrepen, schreef hij ieder woord cursief
———-
De tekening is van Henk Klaren
