We mogen thuis nog één persoon ontvangen, Na half negen mag niemand meer op straat, Wanneer je gast te laat op huis aan gaat, Dan zit zo iemand bij je thuis gevangen. Hoe lang hou je zo’n gast dan aan de praat? Hoe lang moet hij, of zij dan blijven hangen, Volledig uitgepraat, door slaap bevangen, Voordat je hem, of haar de deur uitlaat?
Buiten loeren boa’s en agenten, Hun bonnenboekjes voor gebruik gereed Voor ieder die de regels overtreedt, Ontkenners, argelozen, dissidenten.
Vergeefs, want iedereen vraagt vanaf morgen Vergunning aan om pizza’s te bezorgen.
Het schrijven van gedichten, rijmpjes en verzen zit me in het bloed. Mijn vader deed het. Sinterklaas was mijn belangrijkste held. Later kwamen daar Trijntje Fop, John O’Mill en Daan Zonderland bij. Teksten van liedjes en cabaret bleven als vanzelf in mijn hersenpan steken. Pas als student begon ik zelf te schrijven. Later toen ik student-assistent was, schreef ik verzen voor een blad van de vakgroep onderwijskunde, waarvan ik deel uitmaakte. Iemand raadde me aan eens wat op te sturen aan het tijdschrift ‘De Tweede Ronde’. Vijf rijmpjes werden geplaatst. Af en toe zijn er sindsdien verzen van mij geplaatst in bundels of tijdschriften. Inmiddels voel ik me een dichter. Ik schrijf teksten, gedichten en ook nog altijd rijmpjes. De Leunstoel biedt mij een prachtige kans om gedisciplineerd te werken en tenminste 20 tot 30 sonnetten of andere producten per jaar te maken. Af en toe kijk ik in het archief van De Leunstoel en ben dan met een deel van wat ik daaraan heb bijgedragen voorzichtig tevreden.