De poëtische wereld

Nieuw(e) matras

Scenario’s en erger nog Worst Case
Ík durf de kranten amper meer te lezen
Lees niet over Russen, of Chinezen
Of gevolgen van eten van veel vlees

Hoe het gaat met huismussen en mezen
Altijd, als ik daarover toch iets  lees
Dan leef ik even tussen hoop en vrees
Hoeveel ouders dood en hoeveel wezen

Denk ik daaraan, dan kan ik niet meer slapen

Dus zet ik dan de radio maar aan
Hoor ik over al het leed in het bestaan
In mijn brein garen dan de rapen

Wist ik maar eens, wat lekker slapen was
Ik heb mijn hoop gevestigd op een nieuw matras
———-
De tekening is van Marcia Meerum Terwogt.
Meer informatie: marciamt72@gmail.com
Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Jaap van Lakerveld

Het schrijven van gedichten, rijmpjes en verzen zit me in het bloed. Mijn vader deed het. Sinterklaas was mijn belangrijkste held. Later kwamen daar Trijntje Fop, John O’Mill en Daan Zonderland bij. Teksten van liedjes en cabaret bleven als vanzelf in mijn hersenpan steken. Pas als student begon ik zelf te schrijven. Later toen ik student-assistent was, schreef ik verzen voor een blad van de vakgroep onderwijskunde, waarvan ik deel uitmaakte. Iemand raadde me aan eens wat op te sturen aan het tijdschrift ‘De Tweede Ronde’. Vijf rijmpjes werden geplaatst. Af en toe zijn er sindsdien verzen van mij geplaatst in bundels of tijdschriften. Inmiddels voel ik me een dichter. Ik schrijf teksten, gedichten en ook nog altijd rijmpjes. De Leunstoel biedt mij een prachtige kans om gedisciplineerd te werken en tenminste 20 tot 30 sonnetten of andere producten per jaar te maken. Af en toe kijk ik in het archief van De Leunstoel en ben dan met een deel van wat ik daaraan heb bijgedragen voorzichtig tevreden.