
Ik kom net terug van de cardioloog. Mijn nog jonge vrouwelijke huisarts had mij naar hem doorverwezen nadat ze bij mij hartritmestoornissen had opgemerkt. Zo stapte ik vandaag met een bang hartje de kamer binnen die zich op de tweede etage van de stadskliniek bevindt. Vooraleer de sympathieke baardige arts aan het onderzoek zou beginnen, las hij luidop en routinematig mijn medisch dossier voor waarin men vermeldt dat ik door een bijna fatale val vlak na mijn geboorte aan vele verschillende fobieën lijd.
Zijn Chinese verpleegster luisterde aandachtig mee en plaatste vervolgens, nadat ik mijn bovenlichaam had ontbloot, een aantal elektroden op mijn borst en rug. Ik zag dat er allerlei grafieken verschenen op een piepende machine terwijl ik een half uurtje op de hometrainer moest fietsen, op een matig tempo. Intussen stelde de hartspecialist mij allerlei vragen over een eventuele familiale medische voorgeschiedenis. Ik vertelde dat mijn vader op zijn vijfenzestigste ooit een hartoperatie moest ondergaan alsook mijn halfbroer Daniel onlangs. De arts sprak: ‘Oh mijnheer Aendenboom, dan bent u mogelijk erfelijk belast.’ Mijn hart klopte plots in mijn keel…
Na een kort tijdje op de hometrainer begon ik al te puffen en te zweten en kreeg ik het plots benauwd, ik moest echt stoppen. De arts was lichtjes geïrriteerd en ook de verpleegster wist zich even geen raad.
Een beetje harteloos sprak de arts :’U bent dus psychisch gestoord?’
‘Nee hoor, dokter,’ repliceerde ik glimlachend.
De intelligente man keek mij verbaasd aan:’Hoe bedoelt u, mijnheer Aendenboom? Fobieën zijn toch psychische ziekten? ‘
‘Ach neen dokter, want deze ziekten worden eigenlijk veroorzaakt door een disfunctie in de hersenen’
‘Wel dan, mijnheer Aendenboom, dat is medisch gezien toch allemaal psychisch?’
‘Dat is een misvatting dokter, het zijn ook fysieke ziekten. Is het brein immers geen lichaamsorgaan van vlees en bloed? ‘
Even viel er een stilte. Het onderzoek liep ten einde en dus verzocht de Chinese verpleegster mij om m’n sweater weer aan te trekken.
Nadat de geneesheer op zijn computer alle onderzoeksresultaten had bekeken, wreef hij zich over de baard en sprak van achter zijn scherm: ‘Ik heb hartverwarmend nieuws voor u, mijnheer Aendenboom. Er is helemaal niks mis met uw hart.’ Hij grinnikte tenslotte: ’En er is blijkbaar ook niks mis met uw brein.’
‘Ach ja dokter, mijn brein heeft dan ook met veel hartstocht alles over het brein geleerd’ grinnikte ik terug.
Bij het verlaten van zijn praktijk drukte ik de arts hartelijk de hand. De man had immers een hart van goud.
get physical‘
.
