Een omweg waard

Landseinden maken je nederig *

Bij uithoeken moet ik direct denken aan plekken die Landsend of Fi(ne)sterra heten. Ik ken er drie. Cornwall, in het zuiden van Engeland, eindigt in het Zuidwesten in een punt, die Landsend genoemd wordt. Niet geheel ten onrechte, want je kan er aan drie kanten de zee inlopen. In tegenstelling tot wat veel mensen denken, is het niet de zuidelijkste punt van het Britse eiland. Dat is Lizard Point, een kilometer of vijftig oostelijker gelegen.

De Algarve, in het zuiden van Portugal, eindigt ook in een punt. Deze punt wordt ook vaak aangeduid als Landsend, maar heet eigenlijk Cabo di Sao Vicente (Kaap Sint Vincent). Hij wordt aan het oog onttrokken door allerlei bouwsels, die de bezoeker ter wille moeten zijn.
Aan de Westkust van Galicië (Spanje) bevindt zich een uitstekend puntje waarop zich een plaatsje bevindt dat Fisterra heet, maar dat zelf niet op het puntje ligt. Het puntje zelf heet Cabo Fisterra, dus Kaap Landeinde. Het stikt daar overigens van de uitsteekseltjes, die Cabo dit of dat heten, maar Cabo Fisterra is het meest westelijke puntje.

Landeinden oefenen een grote aantrekkingskracht uit op mensen, waarschijnlijk door de associatie met het Einde van de Wereld en worden daarom vaak toeristisch uitgebaat. Bij Kaap Sint Vincent is een groot parkeerterrein aangelegd, daar bevindt zich tussen parkeerterrein en Kaap een groot restaurant en als je de punt nadert passeer je een gebouw met een poort waar je snuisterijen kunt kopen en kunt plassen. Bij het uiteinde zelf kun je alleen via een omweg komen.
Bij Lizard Point gaat het niet alleen om de punt maar ook om de vuurtoren die zich daarop bevindt. Landinwaarts ligt op loopafstand het plaatsje Lizard, met veel horeca en souvenirwinkeltjes. Je moet daar dus niet blijven, maar bijvoorbeeld over het kustpad oostwaarts lopen naar het aantrekkelijke vissersplaatsje Coverack.
Op Kaap Fisterra is niet veel te doen. Er komen daar sowieso niet veel toeristen en je kunt moeilijk op al die Kaapjes tapasrestaurants neerzetten. Wel is vorig jaar de Ronde van Spanje er dicht in de buurt gekomen, toen ze het gehucht Dumbra aandeden.

Sektes, die het einde der tijden voorspellen in de nabije toekomst, trekken zich vaak terug op een berg, maar ook wel op zo’n Landeinde. En ze hebben gelijk. Op mij oefenen ze ook een grote aantrekkingskracht uit, ondanks het feit dat er heel wat zijn. Het heeft ermee te maken dat je op zo’n punt alleen maar water ziet. Er is geen land meer, daarvoor moet je je omdraaien. In Portugal weet je dat de kust van Afrika niet ver is, maar dat biedt geen troost. En in Spanje en Cornwall is het dichtstbijzijnde land erg ver weg. Dat maakt je huiverig en geeft een prettig soort opwinding. En er is natuurlijk altijd wind. Rampen kunnen niet ver weg zijn en in de buurt vergaan schepen.

Landeinden, daar is het te doen. Ze maken je nederig.

—–
Het plaatje is van de schrijfster

Series Navigation<< vorig artikel

Door Katharina Kouwenhoven

Wanneer onbekenden elkaar voor het eerst ontmoeten, vormen zij zich een indruk van elkaar, op basis waarvan zij besluiten of nadere kennismaking een interessante optie is. Voor het vormen van die eerste indruk hebben zij niet veel informatie tot hun beschikking: een paar uiterlijke kenmerken en wat minieme gedragsobservaties. Deze informatie kan worden aangevuld door elkaar wat korte vragen te stellen. De vragen die mensen elkaar stellen bij een eerste ontmoeting hebben praktisch altijd betrekking op biografische gegevens: hoe oud ben je, waar ben je geboren, wat doe je, waar heb je op school gezeten, waar woon je. Het merkwaardige is, dat al deze informatie - uiterlijk, houding, presentatie, biografische gegevens - helemaal niets zegt over met wat voor soort mens we te maken hebben, een psychopathische seriemoordenaar of een zachtaardige steunpilaar van de maatschappij. Toch willen we dat laatste graag weten. Als ik iets over mezelf wil zeggen, kan ik proberen nooit gestelde, maar wel prangende vragen te beantwoorden of me te beperken tot de informatie die normaal verschaft wordt bij een eerste ontmoeting. Ik denk dat ik me beperk tot het laatste, want dat is veelzeggend genoeg.Ik ben woonachtig te Amsterdam, alleenstaand, werkzaam, goed opgeleid en dol op bubbeltjeswijn.(Ik maak inmiddels ook tekeningetjes voor De Leunstoel.)