Een omweg waard

La Piscine in Roubaix

De weg van Antwerpen naar Parijs komt bij Kortrijk Frankrijk binnen en belandt dan in de agglomeratie Groot Lille. Vanaf de snelweg ziet het er niet aanlokkelijk uit: Tourcoing, Roubaix, Marcq en Bareuil, Villeneuve d’Ascq, Lesquin, snel doorrijden. In de jaren 50 was er nog geen snelweg en reed je over de kasseien door een troosteloos industriegebied: mijnen met steenkolenbergen en veel textielindustrie, alles bedekt onder een permanente laag zwart kolenstof. Zoals bekend werden de industriële activiteiten naar China geëxporteerd en verdween daarmee ook bijna alle werkgelegenheid in de regio. Het werd een stuk schoner, armoe was troef, er kwamen steunmaatregelen en langzaam ging het beter.

Franse steunmaatregelen kennen veel investeringen in infrastructuur en daarbij wordt de museale infrastructuur niet vergeten: het hele Noorden is vergeven van mooie musea. Lille heeft een prachtig kunstmuseum, Villeneuve d’Ascq een Moderne Kunst Museum van internationale allure en sinds een paar jaar is er in Roubaix het zeer uitzonderlijke Musée d’Art et d’Industrie: La Piscine bijgekomen.



Roubaix was een centrum van textielindustrie en een socialistisch bolwerk. In de jaren ‘30 lukte het middenin het stadje een zwembad neer te zetten als bijdrage aan de hygiënisering van het werkvolk. De gemeenteraad gaf de bouwopdracht aan de vooruitstrevende architect Albert Baert, die een tot in de details prachtig afgewerkt Art Déco zwembad van maakte, dat in 1932 werd opgeleverd. Het zwembad was tot 1967 in gebruik, in de jaren ‘90 rijpte het plan het gebouw te restaureren en er de bestaande, verweesde collectie kunst en textielerfgoed van Roubaix in te vestigen. De architect Jean-Paul Philippon, die eerder het Gare d’Orsay in Parijs in een museum had veranderd, ging aan de slag en het resultaat is spectaculair.

(zie afbeelding 1). Het oude zwembad is teruggebracht in zijn oorspronkelijk luxe staat en vertoont nu aan het water beelden, in de badhokjes schilderijen en verder boven een grote collectie staaltjes van textieldessins. Het is een heel aardige collectie, maar het allermooist is het gebouw zelf: een Art Déco gesamtkunstwerk (denk aan het Palais Stocklet van Josef Hoffmann in Brussel, of het Haagse Gemeentemuseum van Berlage) zoals dat maar heel zelden tot stand komt. Gaat het zien!

 

**********************************


Abonneer u op de Nieuwsbrief.



Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Peter Schröder

Peter Schröder is in 1943 geboren in Den Haag en volgde daar van de kleuterschool tot en met het Lyceum Montessori onderwijs (voor eigenwijze kinderen) en studeerde vervolgens aan de Universiteit van Amsterdam sociologie (Goudsblom). Peter was in Den Haag aktief in de Ban de Bom beweging, werd in Amsterdam lid van Olofspoort, was enigszins betrokken bij Provo en werd redacteur van Hitweek/Aloha. Hij schreef in Vrij Nederland, De Volkskrant en HP Magazine over popmuziek. Peter verdiende later de kost op het ministerie van O(C)&W bij de Directie Onderzoek en Wetenschapsbeleid. Daar werkte hij als coördinator wetenschappelijk informatiebeleid (vooral ICT voorzieningen, onderzoeksdata, elektronische tijdschriften) en timmerde in (in)ternationale commissies aan een raamwerk voor betere toegang tot digitale wetenschappelijke kennis en informatie. Momenteel werkt hij als beleidsadviseur voor het KNAW/NWO instituut voor de sociale wetenschappen en humaniora DANS (Data Archiving and Networked Services). Portret Bunny Soeters.