Uit het leven zelf

Dulce et decorum est …

Vroeger, heel lang geleden, was ik pacifist. Er woedde weliswaar een Koude Oorlog: Oost en West stonden lijnrecht tegenover elkaar, maar een warme oorlog, althans in onze contreien, leek uitgesloten. Mutual Assured Destruction hield de haviken in toom.

En toen de muur viel? Toen leek het een kwestie van tijd of de hele wereld zou de liberale democratie omarmen. Niet omdat het moest, maar omdat het wenselijk werd gevonden. De ‘soft power’ van de Europese gemeenschap zorgde mede voor een omwenteling in Midden- en Oost-Europa die vrijwel zonder bloedvergieten verliep. De rest van de wereld zou dit voorbeeld ongetwijfeld volgen. Francis Fukuyama verklaarde ‘de geschiedenis’ ten einde en ik vond dat wel plausibel.  

In wat ik gemakshalve maar ‘het Westen’ zal noemen leek oorlog iets uit de Oertijd. Wij konden ons volop bezig houden met zelfontwikkeling op de bovenste etages van de piramide van Maslow.

Die gelukzaligheid kreeg al snel een ernstige knauw op ‘9/11’ 2001. Er bleken ineens allerlei groeperingen te bestaan die liever gewapenderhand terug naar de Middeleeuwen wilden gaan dan de Westerse waarden te omarmen. Het antwoord van de regering Bush was oorlog. Dat leek me indertijd niet verstandig. De vijand bestond immers uit ‘niet-statelijke’ partijen als Al Quaida. Politiek en politioneel ingrijpen zou meer voor de hand liggen dan militair ingrijpen. De vergelijking met het eind-negentiende-eeuwse ‘anarchisme van de daad’  lag voor de hand.  

Dit veranderde met de komst van ISIS, dat zich niet voor niets ‘Islamitische Staat’ noemde. Oorlog werd onvermijdelijk. Sindsdien gaat het van kwaad tot erger. Rusland, dat zich – zo dacht ik – na een fase van roofridder kapitalisme vast in democratische richting zou ontwikkelen werd een autoritaire maffia-staat met expansionistische neigingen. China, nota bene onder leiding  van een man, Xi Jinping, die te nauwer nood de Culturele Revolutie had overleefd, maakt zich op om weer het Rijk van het Midden te worden. Tot overmaat van ramp koos het Amerikaanse volk ten tweede male een onberekenbare idioot tot president.

Oorlog wordt weer een optie. ‘Prepare for war’, zegt onze eigen Mark Rutte. Alle NAVO-lidstaten verhogen hun defensiebudgetten. Oude kabouters als Roel van Duijn roepen op om Poetin gewapenderhand tot de orde te roepen. Zelfs de Partij voor de Dieren is het er mee eens.

Als voormalig pacifist ben ik bang. Bang dat we onze paradijselijke onschuld verliezen waarin we allemaal ‘lekker onszelf zijn’. Kunnen we van onze kinderen verwachten dat ze bereid zijn om voor ‘de democratische rechtsstaat’ te sterven? Of moeten we God, Vaderland en Oranje weer uit de mottenballen halen om de gevechtsbereidheid op peil te brengen? Moeten we op onze vijand gaan lijken om hem te overwinnen?

Als ik naar mijn kleinkinderen kijk, die aan mijn broekspijp hangen, houd ik mijn hart vast. Wat was ik toch een bofkont. Mijn hele leven heb ik in vrede geleefd. Hopelijk kunnen zij dat over zestig jaar ook zeggen, maar ik betwijfel dat ten zeerste.

Wat kunnen we doen? Gewoon doorgaan. Ik weet niet veel van Luther, maar de aan hem toegeschreven uitspraak ‘als ik wist dat morgen de wereld zou vergaan, dan zou ik vandaag een appelboompje planten’ spreekt me zeer aan.

Daarom ben ik heel blij en trots dat De Leunstoel vandaag in een gloednieuwe website het licht ziet. We kunnen zo vast weer meer dan twintig jaargangen mee. Dat geldt helaas waarschijnlijk niet voor de huidige medewerkers, maar er zullen vast weer mensen opstaan die de rustige mens van leesvoer zullen voorzien.

Men kan slechts zijn best doen.

Foto: Willem Minderhout – Bloomplantdag in Zoetermeer.

Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Willem Minderhout

Willem Minderhout (1959) werkt als docent aan de opleiding Bestuurskunde en Overheidsmanagement van de Haagse Hogeschool. Sinds 2005 werkt hij met veel plezier mee aan De Leunstoel. Hij schrijft voor verschillende rubrieken, vaak hebben zijn bijdragen iets met literatuur te maken.