Een omweg waard

De Verschijning

Een paar nummers geleden schreef ik over het Amsterdamse Beeldenboek en het beeld De Verschijning van Pearl Perlmuter dat nergens in de stad te vinden was. Het stond aanvankelijk bij het Concertgebouw en daarna op het Museumplein, maar bij de herinrichting van dit plein tot voetbalveld moesten van de ontwerper alle beelden weg. En zo verdween De Verschijning, maar waarheen?
Ongeveer een halfjaar geleden vond ik het op het Emmaplein, dat eigenlijk een plantsoentje is, tussen het struweel, tegenover een beeld van haar man Wessel Couzijn. En nu maakt het zelfs deel uit van een beeldentuin(tje) in datzelfde plantsoen. Die beeldentuin bestaat uit werken van de Groep A’dam, waar Pearl Perlmuter overigens geen deel van uitmaakte. Ze was alleen met een van de leden getrouwd. Wel steekt haar werk met kop en schouders boven dat van de anderen uit, hoewel Wessel Couzijn, Shinkichi Tajiri en Ben Guntenaar er ook waren. Maar waar is dat Emmaplein? Het Emmaplein is een verdikking in de Emmalaan en die loopt van de Koninginneweg naar het Vondelpark. Maar, kijk uit! Er vlakbij is ook de Emmastraat en daar is het niet; te bereiken met lijn 2.
Pearl Perlmuter is in 1915 in New York geboren en studeerde o.a. bij Ossip Zadkine. In 1945 ontmoette ze Wessel Couzijn die een tijdje in New York studeerde en trouwde met hem. Het paar keerde in 1946 terug naar Amsterdam in de veronderstelling dat het daar makkelijker was om aan de bak te komen, maar alleen Couzijn kreeg opdrachten. Pearl werkte vooral als docente aan diverse academies. In 1988 kreeg ze haar eerste grote overzichtstentoonstelling in het Gemeentemuseum van Arnhem. In 2003, 87 jaar oud, kreeg ze een solotentoonstelling in het Kröller-Müller. In 2008 overleed zij.
Ik zou het wel op prijs stellen als er weer eens wat aandacht aan haar werk werd besteed.

——

Het plaatje is van de schrijfster zelf.
Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Katharina Kouwenhoven

Wanneer onbekenden elkaar voor het eerst ontmoeten, vormen zij zich een indruk van elkaar, op basis waarvan zij besluiten of nadere kennismaking een interessante optie is. Voor het vormen van die eerste indruk hebben zij niet veel informatie tot hun beschikking: een paar uiterlijke kenmerken en wat minieme gedragsobservaties. Deze informatie kan worden aangevuld door elkaar wat korte vragen te stellen. De vragen die mensen elkaar stellen bij een eerste ontmoeting hebben praktisch altijd betrekking op biografische gegevens: hoe oud ben je, waar ben je geboren, wat doe je, waar heb je op school gezeten, waar woon je. Het merkwaardige is, dat al deze informatie - uiterlijk, houding, presentatie, biografische gegevens - helemaal niets zegt over met wat voor soort mens we te maken hebben, een psychopathische seriemoordenaar of een zachtaardige steunpilaar van de maatschappij. Toch willen we dat laatste graag weten. Als ik iets over mezelf wil zeggen, kan ik proberen nooit gestelde, maar wel prangende vragen te beantwoorden of me te beperken tot de informatie die normaal verschaft wordt bij een eerste ontmoeting. Ik denk dat ik me beperk tot het laatste, want dat is veelzeggend genoeg.Ik ben woonachtig te Amsterdam, alleenstaand, werkzaam, goed opgeleid en dol op bubbeltjeswijn.(Ik maak inmiddels ook tekeningetjes voor De Leunstoel.)