4 en 5 Mei, dagen om stil te staan bij het verleden De deportaties, het onrecht, de honger en de strijd De vreugde dat we daarvan ten slotte zijn bevrijd En de reflectie op de invloed van die tijden op het heden
De terugkeer naar de nationale soevereiniteit Elk land weer vrij, bestuurd door eigen overheden Vrede en bevrijding, vonden wij voor feest een reden Na herdenking van de doden in die wrede oorlogstijd
Die tijd wordt nog door velen ieder jaar herdacht In de hoop het mens-onterende ervan nooit te vergeten Een poging tot herijking van ons collectief geweten En gedeeld vertrouwen in de toekomst die ons wacht
Het geweten lijkt inmiddels iets uit het verleden Wanneer we nu om iets rouwen, is het om het heden.
Het schrijven van gedichten, rijmpjes en verzen zit me in het bloed. Mijn vader deed het. Sinterklaas was mijn belangrijkste held. Later kwamen daar Trijntje Fop, John O’Mill en Daan Zonderland bij. Teksten van liedjes en cabaret bleven als vanzelf in mijn hersenpan steken. Pas als student begon ik zelf te schrijven. Later toen ik student-assistent was, schreef ik verzen voor een blad van de vakgroep onderwijskunde, waarvan ik deel uitmaakte. Iemand raadde me aan eens wat op te sturen aan het tijdschrift ‘De Tweede Ronde’. Vijf rijmpjes werden geplaatst. Af en toe zijn er sindsdien verzen van mij geplaatst in bundels of tijdschriften. Inmiddels voel ik me een dichter. Ik schrijf teksten, gedichten en ook nog altijd rijmpjes. De Leunstoel biedt mij een prachtige kans om gedisciplineerd te werken en tenminste 20 tot 30 sonnetten of andere producten per jaar te maken. Af en toe kijk ik in het archief van De Leunstoel en ben dan met een deel van wat ik daaraan heb bijgedragen voorzichtig tevreden.