In de popmuziek was het heel lang geen probleem dat je liedjes zong van een ander. De Byrds werden groot met het zingen van liedjes van Bob Dylan. In hun begintijd werden ook door de Beatles en de Rolling Stones liedjes van anderen gespeeld. Topartiesten, zoals Elvis Presley of The Supremes, zongen liedjes die door anderen voor hen werden gemaakt. En als die goed bevielen, dan namen andere artiesten zo’n liedje ook op.

Sommige artiesten en bands hadden hun grootste successen met liedjes van anderen. De grootste hit van Joe Cocker was With a little help from my Friends, waarmee de Beatles eerder Ringo Starr, de drummer, een podium gaven om te zingen. Menigmaal werd bij ons in Nederland een liedje uit het Engels (en heel soms uit een andere taal) vertaald en door een Nederlandse artiest of band op de plaat gezet.

Op de een of andere manier sloop binnen in de cultuur van de popmuziek dat je origineel moest zijn en zelf de liedjes moest maken, zowel de tekst als de muziekarrangementen. Dat werd de norm: je moest niet alleen een goede stem hebben of als band behoorlijk kunnen spelen, maar je moest ook zelf zorgen voor de tekst en muziek. Het kon zelfs voorkomen dat mensen met een slechte zangstem toch gevierd werden, door de kwaliteit van hun songs. Zo blijft er twijfel of Bob Dylan en Neil Young wel kunnen zingen.

Gelukkig trok niet iedereen zich wat aan van het bewieroken dat eigen werk het summum is.

Dat leverde van tijd tot tijd bijzondere albums op, met covers, dus liedjes van een ander die jij naar je hand zette. Soms bleef de uitvoering dicht bij het origineel, soms kwam de uitvoering alleen bekend voor en moest je nazoeken waarom je meende dat het ‘van iemand anders was’.

Het komt vaak voor dat iemand met een mooie stem of een band met goede instrumentalisten, beter covers spelen dan zelf liedjes te schrijven. Want dat laatste is een vak. En ook een vak dat nogal eens leidde tot het uiteenvallen van een band. Als de ‘frontman’ de liedjes schreef, de muziek en de teksten, de andere bandleden alleen mochten of konden meespelen, dan kwam er bijna altijd wel het moment dat zo iemand ‘solo’ ging. Soms zelfs met begeleiders uit de oude band (Brian Ferry!).

Wat zo gek is: als het gaat om klassieke muziek, vindt niemand het vreemd dat de componist zelf niet uitvoert (soms gebeurt het nog een poosje als dirigent, maar dat kent ook een houdbaarheidsdatum). Zo zijn er eindeloos veel uitvoeringen van werken van Bach, of Beethoven, Vivaldi of Telemann, en nooit spreekt iemand dan van covers.

Topalbums met covers

De eerste keer dat ik zeer onder de indruk was van een album met covers was toen Brian Ferry zijn eerste soloalbum uitbracht: These foolish things (1973). Hoe hij de nummers van anderen naar zijn hand wist te zetten, fantastisch. Geen idee of dit album een voorbeeld werd voor anderen, maar af en toe gaf een topartiest of topband zich nadien over aan een album met covers.

Daar zat wel eens iets bijzonders tussen, zoals Strange little girls (2001) van Tori Amos, liedjes die zij had omgezet van een mannenvisie naar een vrouwenvisie; bij elk liedje had ze zich passend laten fotograferen.

Marianne Faithfull zong ook veel covers, maar het meest bijzonder was toch wel dat ze twee albums opnam met veel werk van Kurt Weil: The seven deadly sins (1998) en 20th Century Blues (1996). Maar ook Easy come, easy go (2008) is vol covers, en dan ook nog opgeluisterd met een groot aantal gasten, zoals Nick Cave.

Eric Clapton was altijd al een groot bewonderaar van J.J. Cale. In 2014 bracht hij een album uit, van Eric Clapton and Friends, The Breeze, met songs van J.J. Cale. Aangenaam om te beluisteren.

The Rolling Stones grepen met Blue and Lonesome (2016) terug op hun wortels in de blues, met geweldige bluescovers. En iets soortgelijks deed Bruce Springsteen met Only the strong survive (2022), met oude hits, zoals uit de stal van Motown. Diezelfde Springsteen had ooit ook al een album uitgebracht met covers van de songs van Pete Seeger, gevolgd door een briljant livealbum met diezelfde songs.

Tom Petty was er ook niet vies van, al tref je de covers vooral op de livealbums, als hij ze mengt met het eigen werk.

Zo kan ik nog wel even doorgaan.

Tributes

Tegenwoordig heb je zogeheten coverbands, die furore maken door heel dicht bij de originele uitvoeringen te blijven bij het spelen van het werk van een voor zo’n coverband favoriete band. Ik heb genoten van de opnames van The Analogues, met het werk van de Beatles. Briljante uitvoeringen, beter dan hoe Paul McCartney livealbums uitbracht met oud werk van de Beatles.

Ook Joe Bonamassa heeft diverse prachtige albums opgenomen om te laten merken waar hij de mosterd haalde, naast zeer veel eigen werk.

En wat te denken van John Fogerty, die na eindeloze rechtszaken gevoerd te hebben na een halve eeuw weer het recht kreeg zijn eigen nummers uit de tijd van Creedence Clearwater Revival uit te voeren, en met een nieuwe band het oude werk weer opnam.

Soms verschijnt er een album met het werk van een artiest of band, uitgevoerd door allerlei anderen. Zo heb ik een doosje met vier albums met songs van The Grateful Dead (Day of the Dead) en, eerlijk is eerlijk, het meeste klinkt beter dan de uitvoeringen van The Grateful Dead zelf.

———-

De schrijver heeft zijn Cd-kast bescheidenlijk geplunderd.

Series Navigation<< vorig artikelvolgend artikel >>

Door Arie de Jong

Arie de Jong heeft een afwisselende, zo niet chaotische, loopbaan achter de rug in de ambtenarij, de politiek en het advieswezen. Geboren en getogen in Boskoop, heeft hij civiele techniek gestudeerd in Delft. Getrouwd, twee kinderen. Woont sinds 1978 in Leiden en is actief geïnteresseerd in de geschiedenis van Leiden en behoud van het erfgoed.In zijn werkzame leven en politieke loopbaan overheerste aandacht voor de 'harde dingen van het bestaan': verkeer en vervoer, volkshuisvesting, ruimtelijke inrichting en overheidsfinanciën. Als compensatie was en is hij actief in allerlei organisaties, ook met geheel andere doelen.Ook leest hij wel eens een boek en is hij een liefhebber van allerlei muziek en het maken van dagwandelingen.In wat hij schrijft is deze diversiteit onvermijdelijk, al gaat het wel erg vaak over politiek.