De poëtische wereld

Shit’

Vloeken in Nederland aan verandering onderhevig



Vloeken is niet meer wat het geweest is

Godslasterlijk is niet meer populair

De mens uit zich erotisch of vulgair

Alsof men niet meer gelovig, maar een beest is



God en zijn zoon zijn niet meer populair

Orgaanvlees, eikel, kut of domme dozen

Daarvoor wordt dikwijls door de jeugd gekozen

Of voor wat dampt en geurt in ‘t sanitair



Dat schijnen mensen steeds meer te verkiezen

Men neemt van alles zomaar in de mond

Van kloten tot aan schijt, of poep, of stront

Ook wil men zich in ziekten wel verliezen



Maar waarom uiten mensen zich verbaal

Niet langer in de mooie moedertaal?

 

**************************

Kijk eens op www.meermanno.nl

Series Navigationvolgend artikel >>

Door Jaap van Lakerveld

Het schrijven van gedichten, rijmpjes en verzen zit me in het bloed. Mijn vader deed het. Sinterklaas was mijn belangrijkste held. Later kwamen daar Trijntje Fop, John O’Mill en Daan Zonderland bij. Teksten van liedjes en cabaret bleven als vanzelf in mijn hersenpan steken. Pas als student begon ik zelf te schrijven. Later toen ik student-assistent was, schreef ik verzen voor een blad van de vakgroep onderwijskunde, waarvan ik deel uitmaakte. Iemand raadde me aan eens wat op te sturen aan het tijdschrift ‘De Tweede Ronde’. Vijf rijmpjes werden geplaatst. Af en toe zijn er sindsdien verzen van mij geplaatst in bundels of tijdschriften. Inmiddels voel ik me een dichter. Ik schrijf teksten, gedichten en ook nog altijd rijmpjes. De Leunstoel biedt mij een prachtige kans om gedisciplineerd te werken en tenminste 20 tot 30 sonnetten of andere producten per jaar te maken. Af en toe kijk ik in het archief van De Leunstoel en ben dan met een deel van wat ik daaraan heb bijgedragen voorzichtig tevreden.