archiefvorig nr.lopend nr.

Beschouwingen > Brief uit ... delen printen terug
De tragische dood van Saint-Pol-Roux Willem Minderhout

1018BS Saint Pol
Soms val je ineens onverwacht in een verhaal.
We hadden afgesproken om met vrienden een wandeling te maken op de Pointe de Pen-Hir, niet ver van het vissersdorpje Camaret. Het was een prachtige dag en het landschap bleek net zo spectaculair als me was voorgespiegeld: bloeiende heidevelden٫ stijle kliffen٫ prachtig uitzicht over zee.

Op de terugweg stopte ik bij een menhir-veld om wat foto’s te maken. De rest van het gezelschap had al zo vaak menhirs gezien dat ze in de auto bleven zitten. In de verte zag ik een aantal torens staan dat mijn aandacht trok. Aan de rand van het klif stond een of andere ruïne. Ik liep tot de rand van het korenveld dat tussen mij en de ruïne lag. Verderop zag ik een zandpad, maar ik zag er vanaf om dat te volgen. Er werd op mij gewacht.

De torens lieten me echter niet los. Met wat gegoogle kwam ik erachter wat daar ooit gestaan had: het landhuis van de dichter Saint-Pol-Roux. Hij had zich daar teruggetrokken aan de rand van Frankrijk en had een vissershuisje uitgebouwd tot een imposant landhuis (‘manoir’) met acht torens.
Op wikipedia is een plaatje te vinden. Het ziet er uit als een soort super-Bommelstein.

Toen de oorlog uitbrak kwam er een ruw einde aan zijn kluizenaarsbestaan. De afgelegen kust bleek ineens van strategisch belang te zijn. Nog steeds zijn er op Pen-Hir veel sporen te vinden van de Atlantik Wall, waarmee de Duitsers ook de Bretonse kust invasiebestendig wilden maken.

Een paar maanden na de bezetting sloeg het noodlot al toe. Een doorgedraaide Duitse soldaat drong het landhuis binnen٫ verkrachtte zijn huishoudster en verwondde zijn dochter met een pistoolschot. Gelukkig wist de hond des huizes de soldaat te verjagen. De jongeman bleek niet geheel in overeenstemming met de Duitse krijgstucht gehandeld te hebben en werd gefusilleerd.

Dit betekende echter niet dat de rust in huize Coecilian, vernoemd naar zijn in Verdun gesneuvelde zoon, terugkeerde. Toen Saint-Pol-Roux terugkeerde uit Brest, waar zijn dochter verpleegd werd, bleek zijn huis geplunderd te zijn, waarbij ook al zijn manuscripten verloren gingen. Die schok kwam hij niet te boven. Hij stierf van verdriet.

Het landhuis stond er toen echter nog. Het werd ‘geïntegreerd’ in de Atlantik Wall. De genadeklap werd gegeven door een bombardement van de geallieerden. Wat resteert is een bizar monument.

Ik had nooit van Saint-Pol-Roux gehoord. Hij blijkt ook in Frankrijk een ‘vergeten dichter’ te zijn, hoewel hij bewonderd werd door beroemdheden als Celine en Breton. Breton vond hem zelfs ‘de enige voorloper van het modernisme’. In zijn tijd boerde hij echter niet slecht. Zijn ‘manoir’ blijkt hij gefinancierd te hebben met de opbrengst van het libretto van de opera ‘Louise’ van Gustave Charpentier.
Op YouTube vond ik een uitvoering van Maria Callas.

Ik vond enkele gedichten op internet. Ze staan stijf van de symboliek en ik ben er niet erg van onder de indruk.

Het geknip van de schaar beklimt de lucht
De sluier van mysterie gelegd door de spoken van de vespers op het verse vlees van het leven is reeds ...., de sluier van duisternis is al begonnen zich te spreiden over het platteland en de stad.

Of zoiets. Etc.

Het is, zeg maar, niet zo mijn ding. Als ik dit verhaal van tevoren geweten had was ik uiteraard wel doorgelopen naar de ruïne van ‘Manoir Coecilian’ en was ik niet aan de rand van het korenveld blijven staan. Spijt heb ik niet, want ik heb nu een goede reden om nog eens terug te gaan naar Camaret.
 
****************************************************
De Leunstoel wordt uitgegeven door Het Genootschap De Leunstoel.
Leden van het Genootschap zijn: Jaap van Lakerveld, Jan Hoorweg, Katharina Kouwenhoven, Henk Klaren, Dik Kruithof, Gábor Budavári, Maeve van der Steen, Willem Minderhout, Barbara Muller, Joop Quint, Gerda-Joke Zwart, Hans Meijer, Gerbrand Muller, Peter Schröder, Carlo van Praag, Rob Kieft, Ruud van Ruijven, Frits Hoorweg, Tom Duijkers, Haitze Meurs en Ruud Klein.


© 2013 Willem Minderhout meer Willem Minderhout - meer "Brief uit ..." -
Beschouwingen > Brief uit ...
De tragische dood van Saint-Pol-Roux Willem Minderhout
1018BS Saint Pol
Soms val je ineens onverwacht in een verhaal.
We hadden afgesproken om met vrienden een wandeling te maken op de Pointe de Pen-Hir, niet ver van het vissersdorpje Camaret. Het was een prachtige dag en het landschap bleek net zo spectaculair als me was voorgespiegeld: bloeiende heidevelden٫ stijle kliffen٫ prachtig uitzicht over zee.

Op de terugweg stopte ik bij een menhir-veld om wat foto’s te maken. De rest van het gezelschap had al zo vaak menhirs gezien dat ze in de auto bleven zitten. In de verte zag ik een aantal torens staan dat mijn aandacht trok. Aan de rand van het klif stond een of andere ruïne. Ik liep tot de rand van het korenveld dat tussen mij en de ruïne lag. Verderop zag ik een zandpad, maar ik zag er vanaf om dat te volgen. Er werd op mij gewacht.

De torens lieten me echter niet los. Met wat gegoogle kwam ik erachter wat daar ooit gestaan had: het landhuis van de dichter Saint-Pol-Roux. Hij had zich daar teruggetrokken aan de rand van Frankrijk en had een vissershuisje uitgebouwd tot een imposant landhuis (‘manoir’) met acht torens.
Op wikipedia is een plaatje te vinden. Het ziet er uit als een soort super-Bommelstein.

Toen de oorlog uitbrak kwam er een ruw einde aan zijn kluizenaarsbestaan. De afgelegen kust bleek ineens van strategisch belang te zijn. Nog steeds zijn er op Pen-Hir veel sporen te vinden van de Atlantik Wall, waarmee de Duitsers ook de Bretonse kust invasiebestendig wilden maken.

Een paar maanden na de bezetting sloeg het noodlot al toe. Een doorgedraaide Duitse soldaat drong het landhuis binnen٫ verkrachtte zijn huishoudster en verwondde zijn dochter met een pistoolschot. Gelukkig wist de hond des huizes de soldaat te verjagen. De jongeman bleek niet geheel in overeenstemming met de Duitse krijgstucht gehandeld te hebben en werd gefusilleerd.

Dit betekende echter niet dat de rust in huize Coecilian, vernoemd naar zijn in Verdun gesneuvelde zoon, terugkeerde. Toen Saint-Pol-Roux terugkeerde uit Brest, waar zijn dochter verpleegd werd, bleek zijn huis geplunderd te zijn, waarbij ook al zijn manuscripten verloren gingen. Die schok kwam hij niet te boven. Hij stierf van verdriet.

Het landhuis stond er toen echter nog. Het werd ‘geïntegreerd’ in de Atlantik Wall. De genadeklap werd gegeven door een bombardement van de geallieerden. Wat resteert is een bizar monument.

Ik had nooit van Saint-Pol-Roux gehoord. Hij blijkt ook in Frankrijk een ‘vergeten dichter’ te zijn, hoewel hij bewonderd werd door beroemdheden als Celine en Breton. Breton vond hem zelfs ‘de enige voorloper van het modernisme’. In zijn tijd boerde hij echter niet slecht. Zijn ‘manoir’ blijkt hij gefinancierd te hebben met de opbrengst van het libretto van de opera ‘Louise’ van Gustave Charpentier.
Op YouTube vond ik een uitvoering van Maria Callas.

Ik vond enkele gedichten op internet. Ze staan stijf van de symboliek en ik ben er niet erg van onder de indruk.

Het geknip van de schaar beklimt de lucht
De sluier van mysterie gelegd door de spoken van de vespers op het verse vlees van het leven is reeds ...., de sluier van duisternis is al begonnen zich te spreiden over het platteland en de stad.

Of zoiets. Etc.

Het is, zeg maar, niet zo mijn ding. Als ik dit verhaal van tevoren geweten had was ik uiteraard wel doorgelopen naar de ruïne van ‘Manoir Coecilian’ en was ik niet aan de rand van het korenveld blijven staan. Spijt heb ik niet, want ik heb nu een goede reden om nog eens terug te gaan naar Camaret.
 
****************************************************
De Leunstoel wordt uitgegeven door Het Genootschap De Leunstoel.
Leden van het Genootschap zijn: Jaap van Lakerveld, Jan Hoorweg, Katharina Kouwenhoven, Henk Klaren, Dik Kruithof, Gábor Budavári, Maeve van der Steen, Willem Minderhout, Barbara Muller, Joop Quint, Gerda-Joke Zwart, Hans Meijer, Gerbrand Muller, Peter Schröder, Carlo van Praag, Rob Kieft, Ruud van Ruijven, Frits Hoorweg, Tom Duijkers, Haitze Meurs en Ruud Klein.
© 2013 Willem Minderhout
powered by CJ2